Doorgaan naar hoofdcontent

Wanneer niets meer tussen jou en de ander in staat

 Wanneer niets meer tussen jou en de ander in staat

Over werkelijk ontmoeten, onbelemmerd waarnemen en de diepe intensiteit van het Leven

Love will arise in your heart when you have no barrier between yourself and another, when you meet and observe people without judging them.

 Jiddu Krishnamurti

Soms denk ik dat we elkaar veel minder werkelijk ontmoeten dan we vermoeden. We kijken naar elkaar, we luisteren naar elkaar, we delen woorden en ervaringen. En toch kan er iets tussen ons in staan wat we nauwelijks opmerken. Een beeld. Een herinnering. Een verwachting. Een oordeel.
Nog voordat de ander werkelijk iets heeft gezegd, kan ons denken al een betekenis hebben gegeven aan wie die persoon is. We herkennen een bepaalde toon, herinneren ons een eerdere ervaring of verwachten opnieuw wat we eerder hebben ervaren. En zonder dat we het bewust beseffen, ontmoeten we niet alleen de mens die voor ons staat. We ontmoeten ook alles wat we over die mens denken te weten.

Maar wat gebeurt er wanneer we iemand niet langer uitsluitend ontmoeten vanuit ons beeld van die persoon? Wanneer we bereid zijn om opnieuw te kijken? Niet om te ontkennen wat er eerder is gebeurd. Niet om onze ervaringen weg te drukken. Maar om te onderzoeken of ons beeld van de ander nog wel hetzelfde is als de ander zelf.

Hier begint een vorm van Liefde die niet hoeft te worden afgedwongen.

Wanneer het beeld de ontmoeting overneemt

We dragen allemaal herinneringen met ons mee. Ons denken probeert de wereld begrijpelijk te maken door te herkennen, te vergelijken en betekenis te geven. Dat is een menselijk proces.

Maar soms wordt het beeld dat we van iemand hebben zo vertrouwd, dat we niet meer opmerken dat we door dat beeld heen kijken. We denken te weten hoe iemand zal reageren. We menen te weten wat iemand bedoelt. We plaatsen iemand in een bepaalde categorie en luisteren vervolgens vooral naar wat onze eerdere overtuiging bevestigt. De ander hoeft dan niet langer werkelijk aanwezig te zijn om ons oordeel in stand te houden.

Dit gebeurt niet alleen bij mensen die ons pijn hebben gedaan. Ook bij mensen van wie we houden. Ook bij mensen die we bewonderen. Ook bij mensen van wie we denken dat we ze heel goed kennen. Want zelfs een positief beeld kan een barrière worden. Wanneer ik denk dat ik weet wie jij bent, laat ik je dan nog toe om mij te verrassen? Kan ik je nog ontmoeten in dit moment, of ontmoet ik vooral de versie van jou die ik in mijn bewustzijn heb vastgelegd?

Krishnamurti nodigt ons hier uit om daar niet zomaar een nieuw antwoord op te formuleren, maar om het rechtstreeks te observeren. Zonder onszelf te veroordelen. Zonder te proberen een bepaald soort spiritueel mens te worden. Gewoon kijken. Wat gebeurt er werkelijk wanneer ik iemand ontmoet?

Waarnemen zonder onmiddellijk te oordelen

Er is een verschil tussen waarnemen en interpreteren. Ik kan zien dat iemand zich terugtrekt. Ik kan horen dat iemand iets zegt. Ik kan ervaren dat bepaald gedrag mij raakt. Maar bijna onmiddellijk kan mijn denken daar een conclusie aan verbinden. Die persoon geeft niet om mij. Hij of zij begrijpt mij niet. Zij is veranderd. Ik weet precies waarom dit gebeurt.

Het kan zijn dat een bepaalde interpretatie klopt. Maar misschien ook niet. Het punt is niet dat we nooit meer iets mogen begrijpen of beoordelen. Het punt is dat we kunnen leren zien wanneer onze interpretatie zich voordoet als de werkelijkheid zelf.

Daar ontstaat een opening. Een opening waarin ik niet onmiddellijk hoef te reageren op mijn eerste betekenisgeving. Waarin ik de mogelijkheid toelaat dat ik nog niet alles weet.

Dat is geen passiviteit. Het is geen gebrek aan onderscheidingsvermogen. Het is een vorm van aandacht.

Ik kan iets helder waarnemen zonder mijn volledige identiteit aan mijn oordeel te verbinden. Ik kan een grens herkennen zonder de ander in mijn bewustZijn volledig vast te zetten. Ik kan geraakt worden zonder dat mijn eerste reactie het laatste woord hoeft te hebben. En wellicht is dat wat het betekent om de ander werkelijk te ont-moeten: niet dat ik alles moet begrijpen, maar dat ik bereid ben om te blijven kijken.

Wanneer de ander niet langer iets van jou hoeft te zijn

Misschien ligt er onder veel van onze ontmoetingen een onbewuste verwachting. We willen begrepen worden. We willen erkend worden. We willen dat de ander ons ziet zoals wij onszelf zien. We hopen op warmte, op herkenning, op een bevestiging van wat voor ons belangrijk is. En wanneer die verwachting niet wordt vervuld, kan er iets in ons verharden. We trekken ons terug. We voelen ons afgewezen. We maken een conclusie over de ander. Soms bouwen we een innerlijke muur, niet omdat we bewust hebben gekozen om niet meer lief te hebben, maar omdat we onszelf willen beschermen tegen wat we ervaren.

Ook dat mag gezien worden. Liefde vraagt niet dat we onze menselijke behoeften ontkennen. Maar misschien kunnen we wel onderzoeken of de ander voortdurend iets moet geven voordat we ons werkelijk met die persoon kunnen verbinden. Kan ik iemand ontmoeten zonder dat die persoon mij moet bevestigen? Kan ik luisteren zonder dat de ander mijn visie moet delen? Kan ik Aan-Wezig blijven bij een verschil zonder onmiddellijk een afstand in mijn hart te creëren?

Dat betekent niet dat iedere relatie dezelfde vorm moet behouden. Het betekent ook niet dat verbondenheid altijd uitgedrukt moet worden in nabijheid.

Het gaat om iets wat dieper ligt dan de vorm van de relatie. Kan ik de ander toestaan te zijn wie hij of zij is, zonder dat mijn Inner-lijke Vrede volledig afhankelijk wordt van die persoon?

Misschien wordt Liefde juist daar minder voorwaardelijk. Niet doordat ik niets meer verlang, maar doordat ik de ander niet langer hoef te vormen om zelf in Vrede te kunnen Zijn.

Een andere kwaliteit van Aanwezigheid

Wanneer ik niet voortdurend bezig ben met het beoordelen van de ander, verandert er misschien ook iets in mijn eigen ervaring. Mijn aandacht hoeft niet steeds vooruit te lopen op wat er zal gebeuren. Ik hoef niet voortdurend terug te keren naar wat er eerder is gezegd. Ik hoef niet ieder gebaar te vergelijken met een eerder beeld.

Ik kan meer Aan-Wezig Zijn bij wat zich op dit moment ont-vouwt. Een gesprek kan daardoor een andere diepte krijgen. Niet omdat de woorden noodzakelijk veranderen, maar omdat ik ze anders ontvang. Ik luister niet alleen om te reageren. Ik luister om Werkelijk te horen. Ik kijk niet alleen om te herkennen wat ik al ken. Ik kijk om open te blijven voor wat er nog niet door mij is vastgelegd. En dit is één van de meest Wezen-lijke vormen van aandacht die we elkaar kunnen schenken. Niet onmiddellijk een antwoord. Niet noodzakelijk een oplossing. Maar een Aan-Wezigheid waarin de ander niet voortdurend hoeft te vechten tegen het beeld dat ik van hem of haar heb. Daarin kan iets verzachten. Niet noodzakelijk bij de ander alleen, maar ook in mij.

Wanneer het Leven intenser wordt

Wat mij bijzonder raakt in deze quote van Krishnamurti, is dat ze niet alleen iets zegt over de manier waarop we andere mensen ontmoeten. Ze opent ook een vraag naar de manier waarop we het Leven zelf ervaren. Want wat gebeurt er wanneer ik niet langer voortdurend door mijn eigen interpretaties heen naar de werkelijkheid kijk? Wanneer ik minder bezig ben met het vastleggen van wat iets moet betekenen? Wanneer ik niet alles onmiddellijk hoef te beoordelen, te beheersen of naar mijn hand te zetten?

Hier ont-staat een directere verhouding tot het Leven. Niet omdat ik meer gebeurtenissen nodig heb. Niet omdat mijn leven voortdurend intens of bijzonder moet aanvoelen. Maar omdat ik minder afstand ervaar tussen wat zich aandient en mijn bereidheid om het Werkelijk te ont-moeten.

Een eenvoudige wandeling kan dan meer zijn dan een verplaatsing. Een gesprek kan meer zijn dan een uitwisseling van standpunten. Een Stilte kan meer zijn dan de afwezigheid van woorden.

Niet omdat er iets aan de werkelijkheid moet worden toegevoegd, maar omdat ik haar minder voortdurend door mijn denken heen probeer te benaderen. De intensiteit van Werkelijk Leven Is niet gelegen in hoeveel we ervaren, maar in hoe rechtstreeks we bereid zijn om te ervaren wat er al Is.

Daarin ligt voor mij een diepe verbinding met de non-dualistische Waarheid.

De Bron hoeft niet ergens anders gezocht te worden. Het Leven hoeft niet eerst een andere vorm aan te nemen voordat ik mij ermee kan verbinden. Maar mijn identificatie met mijn beelden, verwachtingen en oordelen kan wel maken dat ik minder rechtstreeks aanwezig ben bij wat zich ontvouwt. Wanneer die identificatie wordt gezien, hoeft ze niet met geweld te worden verwijderd. Wat gezien wordt, kan zijn greep verliezen. En misschien is dat wat er gebeurt wanneer we niet langer voortdurend tussen onszelf en het Leven in staan.

Liefde als een onbelemmerde ontmoeting

Liefde hoeft voor mij niet langer uitsluitend te worden begrepen als een gevoel dat ik voor iemand heb. Ze kan ook worden er-Varen als een manier waarop ik Aan-Wezig ben. Een manier waarop ik kijk. Een manier waarop ik niet onmiddellijk hoef te bepalen wat een ander voor mij betekent.

Wanneer ik iemand ont-moet zonder hem of haar voortdurend te willen vastleggen, ont-staat er misschien iets van de ruimte waarin Liefde niet langer afhankelijk is van een bepaalde uitkomst. Ik hoef de ander niet te bezitten. Ik hoef de ander niet te veranderen. Ik hoef ook niet te doen alsof verschillen niet bestaan. Ik mag waarnemen wat er gebeurt. Ik mag voelen wat het met mij doet. Ik mag mijn grenzen herkennen en ernaar handelen. En toch kan ik onderzoeken of ik de mens tegenover mij nog kan zien voorbij mijn oordeel. Niet vanuit een idee dat ik spiritueel verder sta. Niet vanuit een poging om mezelf te verheffen boven menselijke reacties. Maar vanuit een eenvoudige bereidheid om eerlijk te kijken. Ook wanneer ik merk dat ik gesloten ben. Ook wanneer ik merk dat ik een oordeel koester. Ook wanneer ik nog niet in staat ben om iemand met openheid te ontmoeten. Want misschien begint Liefde niet bij het bereiken van een toestand waarin alle barrières verdwenen zijn. Misschien begint ze bij het werkelijk zien van de barrières die er zijn. Zonder ze te ontkennen. Zonder ze te veroordelen. Zonder ze opnieuw tot mijn identiteit te maken.

Werkelijk Leven vanuit een diepe laag

Wanneer we op deze manier leren kijken, kan dat ons hele leven raken. Niet omdat we dan voortdurend liefdevol of onbelemmerd zullen zijn. Het menselijk bestaan blijft zich ont-vouwen met zijn vreugde, zijn pijn, zijn verwarring en zijn onverwachte bewegingen. Maar misschien verandert onze verhouding tot dat alles. We hoeven niet meer iedere ervaring onmiddellijk te gebruiken om een beeld van onszelf, van de ander of van het Leven te bevestigen. We kunnen meer ontvankelijk worden. Meer Aan-Wezig. Meer bereid om niet te weten.

En juist daarin kan een diepe intensiteit ontstaan. Een intensiteit die niet noodzakelijk luid of spectaculair is. Een intensiteit die zich kan bevinden in een Stil gesprek, in het kijken naar iemand van wie je houdt, in het ervaren van verdriet zonder je volledig door het verhaal eromheen te laten bepalen. Een intensiteit waarin je niet langer alleen vanuit je denken deelneemt aan het Leven, maar waarin je je Werkelijk laat raken door wat er Is.

Dat is voor mij geen vlucht uit de menselijke ervaring. Het is er juist dieper in Aan-Wezig Zijn. Niet als iemand die alles moet begrijpen. Niet als iemand die alle barrières met wilskracht moet verwijderen. Maar als iemand die bereid is om steeds opnieuw te ont-dek-ken wat er gebeurt wanneer er minder tussen zichzelf, de ander en het Leven in staat.

Dat is wat Krishnamurti ons uitnodigt te onderzoeken. Niet hoe we Liefde kunnen maken. Niet hoe we een ander kunnen leren ontmoeten. Maar wat er overblijft wanneer we bereid zijn om te kijken zonder onmiddellijk te oordelen. Wanneer het beeld niet langer de hele ontmoeting bepaalt. Wanneer de ander niet langer uitsluitend wordt gezien vanuit wat hij of zij voor ons betekent. Wanneer het Leven niet voortdurend door onze verwachtingen hoeft te passen.

Dan kan er iets ontstaan wat niet geforceerd kan worden. Een ont-moet-ing. Een ontvankelijkheid. Een diepe Aan-Wezig-heid.

En wellicht ont-dek-ken we daarin dat Liefde niet iets is wat we aan het Leven moeten toevoegen. Maar iets wat zich kan tonen wanneer we niet langer voortdurend tussen onszelf en het Leven in staan.

Een afsluitende gedachte

Wanneer ik de ander niet langer probeer vast te leggen in mijn beeld, ont-staat de mogelijkheid om werkelijk te ontmoeten. En wanneer ik het Leven niet langer voortdurend probeer te vormen naar mijn verwachtingen, kan ik ont-dek-ken hoe diep het is om er één-voudigweg in Aanwezig te Zijn.

L. 

Want misschien begint Werkelijk Leven daar waar we niet langer alleen kijken naar wat we denken te kennen, maar ons opnieuw laten raken door wat er Werkelijk Is.

L.


Reacties

Populaire posts van deze blog

Ook het duister bevat Licht

 Ook het duister bevat Licht De dualiteit toont zich meer en meer. Vooral op social media. En dat terwijl de dualiteit eigenlijk niet eens bestaat.  Vanuit de Bron gezien is alles 1. Er is geen dualiteit, geen goed of slecht, geen juist of onjuist, geen licht of donker.  Er is enkel Licht en de afwezigheid van Licht. Er is enkel Waarheid en de afwezigheid van Waarheid. Er is enkel Liefde of de afwezigheid van Liefde. Ook het duister bevat Licht, meer afwezigheid van Licht dan aanwezigheid van Licht maar er is Licht.  Het is perfect mogelijk om meer Licht in de duisternis te brengen door te kijken op welke manier je je ermee verbindt. Schijn met je Lichtbron daar waar te weinig Licht aanwezig is, en je zal alleen Licht zien.  Sterf vooraleer je doodgaat. Zo is je Ziel vrij, ook op aarde. Onderzoek hoe je jeZelf met wat verbindt. Waar Liefde is, kan geen angst zijn. Ook niet in de afwezigheid van Licht. Want de onvoorwaardelijke Liefdes- en Lichtbron zit in jeZelf...

Thuiskomen vóór je sterft

Thuiskomen vóór je sterft Het verbaast me steeds opnieuw... Hoeveel mensen waaronder coaches, therapeuten, rouwbegeleiders, ... ervan uitgaan dat je pas écht "Thuis" bent wanneer je het aardse, fysieke bestaan verlaat. Alsof het lichaam een obstakel is dat eerst moet verdwijnen.  Maar wat als dit helemaal niet waar is? Wat als Thuiskomen ook hier mogelijk is - terwijl je leeft, ademt, voelt, struikelt en opnieuw opstaat?  Want zodra je werkelijk Thuis komt in jeZelf, maakt het uiteindelijk niet meer uit of je nog een fysiek lichaam hebt of niet. Dan weet je gewoon: de Bron zit niet ergens buiten jou. Niet pas bereikbaar na de dood. De Bron leeft in jou. Dit In-Zicht verandert alles.  Veel mensen hopen - bewust of onbewust - dat sterven een soort ontsnapping zal zijn. Een einde aan pijn, verwarring, verdriet of innerlijke strijd. Maar een fysieke dood lost geen innerlijke afscheiding op. Wat niet geheeld werd in bewust-Zijn, verdwijnt niet zomaar omdat het lichaam verdwijn...

On-voor-waarde-lijk

Het is zó mooi te ervaren dat wanneer je Echte Onvoorwaardelijke Liefde geeft, je dat ook 'gewoon' terug krijgt, terwijl je het daar zelfs niet eens voor doet want dan zou het niet meer onvoorwaardelijk zijn. L.